James Finn, de Britse consul in Jeruzalem van 1846 tot 1863, beschrijft het gebied in zijn boek “Byeways in Palestine” (1863) als “dunbevolkt” en “verlaten”:
- “Op veel plaatsen troffen we ruïnes aan van oude gebouwen, ooit bruisend van leven, nu verwaarloosd en vervallen. Deze overblijfselen van een welvarender verleden staan als stille getuigen van het verstrijken van de tijd en de veranderingen in het lot van de regio.”
- “Verschillende dorpen waar we doorheen trokken waren bijna verlaten, met slechts een handvol inwoners die een karig bestaan leidden. De meeste huizen verkeerden in een staat van verval, wat duidde op een dalende bevolking en gebrek aan onderhoud.”
Hij voerde in 1863 ook een onderzoek uit naar de bevolking van Jeruzalem, die in totaal 15.000 mensen telde, waarvan 8.000 Joden, 4.000 moslims en 3.000 christenen.
Overigens, de reden dat er maar 15.000 mensen in Jeruzalem woonden, was omdat het land vol moerassen en malaria zat. Pas rond de eeuwwisseling, toen “zionistische” Joden zich bij hun broeders in Israël voegden en de moerassen drooglegden, kwamen mensen uit het hele Midden-Oosten naar Israël. Als je me niet gelooft, kijk dan maar eens naar de achternamen van “Palestijnen” om te zien waar ze vandaan komen.

